Evalueren, of met andere woorden: kijken waar de leerlingen staan in hun leerproces!
Op wat wordt er zoal geëvalueerd? Waarom doen we dit? Wanneer doen we dit? Maar vooral: wat zegt het rapport?
Er wordt geëvalueerd op de kennis, vaardigheden en attitudes van de leerlingen. Op deze manier kunnen we te weten komen waar de leerlingen staan in hun leerproces, waar ze nog moeilijkheden mee hebben en waar we ze dus extra moeten helpen.
Anders gezegd moeten we gaan remediëren. Blijven oefenen tot iedereen mee is.
Maar let op! We moeten als leraar zowel extra oefeningen aanbieden om bepaalde zaken te automatiseren of verder in te oefenen, als uitdagende oefeningen voor de andere leerlingen. Een goede balans vinden tussen ervoor zorgen dat iedereen mee kan en ervoor zorgen dat niemand zich verveelt is niet altijd even gemakkelijk!
Belangrijk hierbij: loskomen van het klassikaal onderwijs!
Durf mini klassikaal werken of help leerlingen individueel. Op deze manier help je diegene die moeilijkheden hebben en kan de rest ongestoord verder op eigen tempo.
Evalueren doen we CONSTANT! Aan het einde van een thema, aan het einde van een les, aan het einde van het schooljaar, maar ook tijdens de lessen!
Het is enorm belangrijk dat de leerkracht niet bij een toets ziet dat leerlingen niet mee zijn, maar tijdens de les! Zo wordt dit op tijd bijgewerkt en kunnen alle leerlingen een mooi cijfer halen.
Laat leerlingen in groep werken! Kinderen zijn gemaakt op te spelen, te praten en te bewegen. Op school mag dit niet en dit is moeilijk voor kinderen. Door ze in groep te laten werken kunnen ze de les toch tot een goed einde brengen en worden de vooropgestelde doelen nagestreefd.
Een leerkracht moet met alles rekening houden! Daarom is een rapport eerder een evaluatie voor de leerkracht dan voor de leerlingen. De leerkracht moet zien waar het is misgegaan, wat de fouten zijn en hoe deze fouten kunnen worden opgelost!
De leerkracht moet de leerlingen helpen en niet zomaar cijfers op de taken/toetsen geven. Ook belangrijk is dat leerkrachten geen pasklare antwoorden geven, maar vragen stellen (en blijven stellen) tot leerlingen zelf tot het antwoord komen.
Wanneer een leerling niet mee is wordt hij/zij al snel doorverwezen naar het buitengewoon onderwijs. Dit is niet hoe het hoort! Leerkrachten moeten kijken waar de moeilijkheden zitten en dit samen met de leerling bijwerken. Dit zal niet altijd even gemakkelijk zijn, maar op deze manier krijgt elke leerling een eerlijke kans om zich 'te bewijzen'.
Zoals je ziet, de taak van een leerkracht is niet min, maar ook van elke leerling wordt veel verwacht! Door op elkaar in te spelen kunnen we spreken over een 'krachtige leeromgeving'. Deze moet gecreëerd worden, maar nog veel belangrijker: behouden worden!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten